Mobiliteit en vitaliteit

UWV is een organisatie in verandering en dat heeft grote gevolgen voor de medewerkers van UWV. Er wordt hard gewerkt aan verhoging van de efficiency, de bedrijfsprocessen worden steeds verder geautomatiseerd en er staan steeds weer nieuwe veranderingen in wet- en regelgeving op de agenda. Daar komt bij dat het werkaanbod zal teruglopen wanneer het herstel van de economie verder doorzet. Een andere belangrijke ontwikkeling is dat het aandeel van de groep ‘oudere’ medewerkers binnen UWV de afgelopen jaren fors is gegroeid, en dat medewerkers door de verhoging van de pensioenleeftijd steeds langer moeten doorwerken. De gemiddelde leeftijd van de UWV-medewerker ligt inmiddels op 48 jaar. Om al deze redenen besteden we veel aandacht aan duurzame inzetbaarheid, vitaliteit en mobiliteit van de medewerker. Hierbij heeft de medewerker nadrukkelijk zijn eigen verantwoordelijkheid. De manager heeft een belangrijke rol in het stimuleren, coachen en faciliteren van de medewerker.

In 2015 is een visie op duurzame inzetbaarheid en vitaliteit ontwikkeld. Aandacht voor mobiliteit, in de vorm van preventie van boventalligheid en effectieve begeleiding van boventalligen naar nieuw arbeidsperspectief, heeft zijn vruchten afgeworpen. Het aantal nieuwe boventalligen is afgenomen en de uitstroom van boventalligen is toegenomen.

Voor de komende jaren hebben we een aantal speerpunten geformuleerd; we:

  • stellen een divisieoverstijgende strategische personeelsplanning op;

  • versterken de arbeidsmarktwaarde van medewerkers;

  • stimuleren de door- en uitstroom van medewerkers;

  • bieden extra mogelijkheden voor ervaringsverbreding (door stage en/of detachering);

  • ontwikkelen een financiële planningstool waarmee medewerkers een weloverwogen keuze kunnen maken tussen vervroegd pensioen of doorwerken;

  • ondersteunen managers in hun stimulerende, coachende en faciliterende rol;

  • verankeren loopbaanmanagement in de HR-cyclus;

  • ondersteunen medewerkers die met boventalligheid worden bedreigd door ze van werk naar werk te begeleiden;

  • zetten in op actieve samenwerking met andere organisaties om vacatures en personeel uit te wisselen, (onder andere via deelname aan regionale werkgeversnetwerken).