Herbeoordelingen 2016

Wanneer zich een wijziging in de medische situatie heeft voorgedaan of de verwachting is dat deze zich op een bepaald moment zal voordoen, voeren we een herbeoordeling uit. We doen dit op verzoek van de uitkeringsgerechtigde zelf, diens werkgever of de verzekeraar. Wanneer nog onduidelijk is of er sprake is van duurzame arbeidsongeschiktheid, plant de verzekeringsarts een herbeoordeling in wanneer dat nodig is. Het resultaat van een herbeoordeling kan zijn dat iemand een hogere of juist een lagere uitkering krijgt. De herbeoordeling is daarmee niet alleen een belangrijk instrument om vast te stellen of iemand nog de juiste uitkering ontvangt, maar geeft ook cruciale informatie over eventuele wijzigingen in de restverdiencapaciteit en daarmee de activeringsmogelijkheden.

UWV heeft met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) afgesproken om de achterstand van 9.500 herbeoordelingen per eind 2015 in 2016 terug te brengen tot 6.100. Daartoe hebben we aanvullende middelen ontvangen om de beschikbare artsencapaciteit te vergroten. Met de extra artsen, die in het eerste halfjaar van 2016 zijn geworven en opgeleid, en de uitbreiding van taakdelegatie, zou UWV in het tweede halfjaar circa 10.000 extra herbeoordelingen uitvoeren bovenop het in het UWV Jaarplan 2016 afgesproken aantal.

In de begroting van 2016 is opgenomen dat er in totaal 46.200 herbeoordelingen uitgevoerd moeten worden, waarvan 18.000 in het eerste halfjaar en de overige 28.200 in het tweede halfjaar. Tot en met augustus 2016 zijn 25.500 herbeoordelingen uitgevoerd, waar de norm 27.400 herbeoordelingen bedraagt.

Het tempo waarin wij erin slagen verzekeringsartsen aan te trekken en ook de mate waarin we ze kunnen behouden, is lager dan we hadden gedacht. Dit komt mede door de arbeidsmarktsituatie. Het extra budget kan daarom maar voor een deel in 2016 worden benut. We verwachten eind 2016 circa 7.000 extra herbeoordelingen te hebben afgerond. Omdat ook de registratie van voorraden en achterstand in 2016 is aangescherpt, is de verwachting dat de achterstand eind 2016 op circa 6.100 dossiers zal uitkomen.

UWV herbeoordeelt ook WGA’ers voor wie de werkgever eigenrisicodrager voor de WIA is. In een convenant met de verzekeraars van deze eigenrisicodragende werkgevers is onder andere afgesproken dat de verzekeraar bij het indienen van een aanvraag voor een herbeoordeling onderbouwt dat de situatie van de arbeidsongeschikte zodanig gewijzigd is dat een herbeoordeling zinvol is. Op deze wijze willen we de effectiviteit van de verrichte herbeoordelingen vergroten. In de eerste 8 maanden van 2016 zijn 1.500 van dit soort herbeoordelingen verricht.

Bij 19.200 van de 25.500 verrichte herbeoordelingen ging het om een WIA‑herbeoordeling. Hiervan zijn er 9.200 verricht op initiatief van UWV en 10.000 op verzoek van de verzekerde zelf, diens werkgever of verzekeraar. De overige 6.300 herbeoordelingen hadden betrekking op de andere arbeidsongeschiktheidswetten en zijn vrijwel allemaal op verzoek van de verzekerde verricht.