Rechtmatigheid uitkeringsverstrekking 2019

Al onze handelingen moeten rechtmatig zijn, in overeenstemming met de geldende regels en besluiten. De totale UWV‑brede rechtmatigheid komt in de eerste 2 kwartalen van verslagjaar 2019 uit op 98,3%. Dit is de som van de rechtmatigheid van alle uitkeringslasten (financiële rechtmatigheid) en de rechtmatigheid van de aanbestedingen.

Om de rechtmatigheid van de uitkeringsverstrekking te toetsen, worden afwijkingen gekwantificeerd en afzonderlijk gewogen en weergegeven. We maken daarbij onderscheid tussen financiële fouten en onzekerheden, waarover afzonderlijk verantwoording moet worden afgelegd indien deze in het verslagjaar 2019 (1 oktober 2018 tot 1 oktober 2019) zijn geconstateerd. Bij een financiële fout kunnen we vaststellen wat de fout is en wat het financiële gevolg is. Bij een onzekerheid hebben we onvoldoende informatie om vast te stellen of iets goed of fout is.

Het percentage financiële fouten in de uitkeringslasten over de eerste 2 kwartalen van verslagjaar 2019 bedraagt 0,7. Dit is het gewogen UWV‑percentage over alle wetten. Het percentage onzekerheden bedraagt 0,1. Deze cijfers zijn indicatief en geven de stand van zaken weer nadat de helft van de steekproef voor verslagjaar 2019 is gecontroleerd.

In onderstaande tabel zijn de percentages financiële fouten en onzekerheden voor de verschillende wetten weergegeven.

Wet

Financiële fouten

Onzekerheden

 

Verslagjaar 2019

Verslagjaar 2018

Verslagjaar 2019

Verslagjaar 2018

 

eerste 2 kwartalen

 

eerste 2 kwartalen

 

Wajong

0,2%

0,4%

0,1%

0,0%

WAO

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

WAZ

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

Wazo

0,2%

0,5%

0,0%

0,0%

WIA

0,6%

0,1%

0,1%

0,0%

WW

2,1%

1,8%

0,0%

0,5%

Ziektewet

2,5%

2,7%

0,0%

0,0%

Toeslagenwet

1,3%

1,7%

0,0%

0,8%

IOW

1,6%

0,0%

0,0%

0,0%

Kaderwet SZW-subsidies

10,7%

1,3%

18,1%

1,9%

     

Gewogen totaal

0,7%

0,8%

0,1%

0,1%

Toelichting op de tabel
  • Het foutpercentage UWV ligt onder het niveau van het verslagjaar 2018.

  • De foutpercentages WIA, WW, IOW en Kaderwet SZW‑subsidies liggen boven het niveau van 2018.

  • De belangrijkste foutsoort bij de WW is het al dan niet toepassen van een uitsluitingsgrond van het recht op WW‑uitkering.

  • De foutpercentages WIA en Wajong worden voornamelijk veroorzaakt door onvolkomenheden bij de administratieve afhandeling van betalingen voor voorzieningen.

  • Het foutpercentage Ziektewet daalt ten opzichte van 2018; het verkeerd korten van verdiensten is een belangrijke foutsoort. Zowel bij de Ziektewet als de Wazo neemt het aandeel dagloonfouten in het foutpercentage af.

  • Onder de Kaderwet SZW‑subsidies wordt met ingang van dit viermaandenverslag de regeling Tijdelijk scholingsbudget UWV verantwoord die UWV sinds 1 juli 2018 uitvoert. (In 2018 werd onder de Kaderwet SZW‑subsidies een andere regeling verantwoord.) De onrechtmatigheidspercentages voor deze wet zijn fors toegenomen, doordat bij scholingsaanvragen onvoldoende was onderbouwd waarom de scholingskosten meer dan € 2.500 bedroegen. We hebben naar aanleiding hiervan inmiddels een aantal maatregelen genomen. Gezien de relatief beperkte omvang van het bestede budget in relatie tot de totale omvang van de WW is de impact op het UWV‑brede foutpercentage en de onzekerheid gering.