Rechtmatigheid uitvoeringskosten
UWV werkt met publieke middelen. We vinden het uitermate belangrijk dat we die rechtmatig besteden en handelen daarbij volgens de regels van de Aanbestedingswet 2012.
Door een verbeterprogramma binnen onze afdeling Inkoop willen we meer grip krijgen op de uitgaven en daardoor de onrechtmatigheid ervan verminderen. De in 2025 genomen maatregelen hebben geleid tot een lichte daling van de onrechtmatigheid in de eerste vier maanden van 2026. Het gaat onder meer om grote aanbestedingen voor de IV‑inhuur (informatievoorziening) en niet‑IV‑personeel. Die moeten ervoor zorgen dat alle externe (inleen)functies rechtmatig kunnen worden ingehuurd en het niet meer accepteren van directe facturen per 1 maart 2026. UWV verbetert de dienstverlening aan cliënten in een sneller tempo dan voorheen. We onderkennen dat deze versnelling risico’s op onrechtmatigheid met zich mee kan brengen omdat hierdoor de behoeften kunnen veranderen en mogelijk nieuwe of andere diensten bij leveranciers moeten worden ingekocht. Wij blijven hierop alert en sturen actief op het voorkomen van (dreigende) onrechtmatige uitgaven.
We toetsen de onrechtmatigheid op drie gebieden:
-
Bewust gekozen onrechtmatigheid: Het aangaan van onrechtmatige contracten blijft volgens de geldende procedures uitsluitend mogelijk met expliciete toestemming van de raad van bestuur. De bewuste keuze hierbij is dat doelmatigheid (vaak continuïteit) in deze gevallen op dat moment zwaarder weegt dan het rechtmatig besteden van middelen. De onrechtmatigheid in deze categorie is in de eerste vier maanden van 2026 hoger dan in dezelfde periode vorig jaar, doordat we toen een contract uit categorie 2 met onbewuste, achteraf geconstateerde onrechtmatigheid, bewust onrechtmatig hebben verlengd om de continuïteit van de bedrijfsvoering en dienstverlening te kunnen waarborgen. Daardoor valt dit contract nu in deze eerste categorie.
-
Onbewuste, achteraf geconstateerde onrechtmatigheid: We analyseren alle facturen binnen UWV met een dashboard achteraf. We kijken dan terug of de uitgaven rechtmatig zijn gedaan. De onrechtmatigheid binnen deze categorie heeft meerdere oorzaken. Zo kan er sprake zijn van uitgaven die bij elkaar hadden moeten worden opgeteld en waarvoor de contracten vervolgens hadden moeten worden aanbesteed. Ook kan er sprake zijn van ‘overuitnutting’ binnen contracten. Hiervan is sprake wanneer de daadwerkelijke uitgaven meer dan 10% hoger zijn dan de origineel geraamde opdrachtwaarde.
-
Onrechtmatige uitgaven voor externe inleen: We analyseren en bepalen de onrechtmatigheid in deze categorie achteraf aan de hand van facturen. Het gaat hierbij om facturen die zijn ingediend voor extern personeel dat niet via de door UWV rechtmatig gecontracteerde leveranciers is ingehuurd of facturen waarvoor nog geen rechtmatig aanbestede contracten bestaan.
De totale onrechtmatigheid binnen de uitvoeringskosten over de eerste vier maanden van 2026 komt door deze ontwikkelingen lager uit dan in de eerste vier maanden van 2025.
Tabel Onrechtmatigheid uitvoeringskosten
|
Bedragen x € 1 miljoen |
Eerste vier maanden 2026 |
Eerste vier maanden 2025 |
|
Bewust gekozen onrechtmatigheid |
6,7 |
1,8 |
|
Onbewuste, achteraf geconstateerde, onrechtmatigheid |
0,8 |
7,0 |
|
Onrechtmatige uitgaven voor externe inleen |
8,1 |
8,6 |
|
Totaal |
15,6 |
17,4 |